HomeOns ontmoetenOnze cliëntenNieuwsColumnsVacatures & StageContact
Fotografenpodium
Bousie Advocaten biedt beginnende fotografen de kans hun werk te presenteren.
lees verder »
Livrijn / Boekblad
Wellicht overheen gelezen, de nieuwe businessmodellen duikelen over...
lees verder »
Kluun / SpitsSander Dikhoff *, 19-11-2009


Komt een vrouw bij de dokter. De film ging afgelopen maandag in première. Niet een al te vrolijk onderwerp, u weet hoe het eindigt. Er waren veel tranen. Na afloop werd er stil gestaan bij de dood van de vrouw waar de film op gebaseerd is, de toenmalige vrouw van Kluun.

En toch was het daarna feest. De makers waren blij en Kluun ook. Heel blij. Die euforie van Kluun was onderwerp van discussie. En wel om het volgende. 

Hoewel de film afwijkt van het boek en het boek van het echte leven van Kluun, staat vast dat hij destijds, toen zijn vrouw aan het doodgaan was, nogal succesvol troost zocht in vreemde vrouwenschoot. Hoeveel fouter wil je het hebben.

Daar zal Kluun achteraf op z’n minst een unheimisch gevoel aan over hebben gehouden. Vandaar juist het boek waarin hij zijn fouten etaleert. Moedig maar niet minder fout en cru. Dit leverde destijds fikse verontwaardiging op. Maar die afkeur is verstomd, Kluun hoort er inmiddels bij.

Maar de gretigheid waarmee Kluun nu deze nieuwe vorm van dit treurige verhaal omarmt en zich aan de schijnwerpers overgeeft, doet de afkeur herleven. Niet alleen bij de mensen tijdens de première maar ook de volgende dag in DWDD (waar Kluun wijselijk niet zat).

Een mevrouw van de Elle vond dat Stijn (het Kluun personage in de film) berouw had moeten tonen. Regisseur Martin Koolhoven was het daar - terecht - niet mee eens. Het is juist de bedoeling dat je een hartgrondige hekel krijgt aan Stijn.

En dat lukt. Zeker als Stijn niet voldoet aan hetverzoek van zijn aan kanker bezwijkende vrouw om thuis te blijven en naar zijn maîtresse vertrekt met de woorden: „flikker toch een eind op met je kankerzooi”. Als dit op waarheid berust, had Kluun de euforie beter kunnen verruilen voor de schaamte.

En toch wordt ook sympathie gevoeld voor Stijn, bijvoorbeeld door Daniël Boissevain. Hij vindt het ook vreselijk wat Stijn doet, maar snapt het paradoxaal genoeg toch wel. Hij vindt het afkeurenswaardig maar begrijpelijk vluchtgedrag. Dat maakte de Elle-mevrouw overigens niet vrolijker.

En daarmee waren de twee kampen wel vertegenwoordigd. Martin Simek mocht het pleit beslechten. Wat vond hij ervan? Simek ging prompt huilen, denkend aan zijn moeder die ook ooit een borst verloor en aan zijn vader die daarna niet meer met zijn vrouw sliep.

Het eindigde met een vraag van de Elle-mevrouw aan Simek. Stel dat zij een stel waren. Hij ging dood en zij vreemd. Wat zou hij daarvan vinden?Wees me ontrouw, was zijn antwoord. Op z’n Simeks. Mooi.