| Eeuwig jong / Boekblad | Hans Bousie*, 17-3-2008 |
Een enkele seniele bejaarde moet het gemist hebben maar voor ons jeugdigen is duidelijk dat het thema van de Boekenweek, de zogenaamde “derde leeftijd” was en het thema van het Boekenbal “eeuwig jong”. Blijkbaar is dat een thema. Blijkbaar is het vermeldenswaardig dat oude mensen aan het literaire leven een bijdrage leveren. En blijkbaar hebben die oude mensen die de Boekenweek en soortgelijke evenementen organiseren de dwingende behoefte om te laten zien dat ze heus nog wel meetellen. Tevergeefs natuurlijk. In de berichtgeving om het boekencircus heen werd een jonge schrijver geïnterviewd die zijn afschuw uitsprak over de hoeveelheid oude mensen die op het Boekenbal aanwezig waren, die hij met het nodige dedain omschreef als “een zee van wattenbollen”. Bij dat soort gastjes doe je het natuurlijk nooit goed. Zo´n jochie gaat er van uit dat het enige dat telt een toekomst is en dat je een sukkel bent als je het voornamelijk van je verleden moet hebben. Tja. Laat ik eerst eens zijn observatie fileren. Een zee van wattenbollen? Ja, ik heb oude mensen gezien, dat moeten die wattenbollen geweest zijn. En ik heb jonge mensen gezien, maar wat is jong? De hierboven aangehaalde kwast had in zijn citaat geen nadere toelichting op wat hij omschreef als oude mensen. Mijn oudoom, die 104 is geworden, kon met vertedering praten over zijn jonge zusje van 96. Mijn zoon Abel van 7 ziet een wereld van verschil met een jongetje van zes. Zullen we eens een invuloefening doen? We verminken het citaat van de ditmaal niet jonge maar blanke kwast. Hij spreekt zijn afschuw uit over de hoeveelheid aanwezige negers op het boekenbal, die hij o zo literair omschrijft als een zee van kroeskoppen. O wee, als hij dat gedaan had, dan was het huis te klein geweest. De kwast zit er naast. Er is geen kwaliteitsverschil in menselijk gehalte van een oud of een jong mens. Oude mensen schrijven ook niet beter of slechter dan jonge. Nu vind ik het nog niet eens zo merkwaardig dat zo´n jochie de plank misslaat. Wat mij verbijstert is de haast waarmee oude mensen zichzelf gedwongen zien zich te verdedigen. Dan beroemen ze zich op hun vitaliteit, op dat ze zich eigenlijk van binnen nog jong voelen. Op dat ze er nog goed uitzien voor hun leeftijd. Iemand die zo´n uitgebreide verdediging behoeft voelt zich eigenlijk de mindere. Zoals de negers op de plantage zich doorgaans ook de mindere voelden van de blanke eigenaar. Doe niet zo maf ouwetjes. U laat zich toch niet langs de maatlat van het onbenul leggen?

